Wat geweest is in september

 

De derde dinsdag in september is het traditiegetrouw Prinsjesdag maar tevens de eerste verenigingsavond van ‘De Rijswijkse’ na de vakantieperiode. We pakken de hobbydraad weer op en onze voorzitter Ton Blokland heette dan ook alle aanwezigen weer van harte welkom.

Leden die mee willen doen aan de huiskeuring worden verzocht om zich op te geven bij Piet Muller. Dat geldt ook voor de leden die mee willen naar Duisburg. Haast u, want de bus zit bijna vol.

 

Hierna gaf Ton het woord aan onze spreker van de avond de heer Willem Postma voor zijn lezing met de titel ‘Aquariumwereld deel 1’ Willem Postma is in het verleden al meerdere keren bij ‘ De Rijswijkse’ te gast geweest. Hij begon zijn verhaal met te vertellen dat je tegenwoordig veel minder aquariumtentoonstellingen hebt dan vroeger. De mensen zijn er nauwelijks meer voor te porren. Een lichtpuntje was dit jaar het Vivarium 2008. Dat was een groot succes en zal in 2009 opnieuw worden georganiseerd. In België is het makkelijker om zoiets dergelijks te organiseren. Daar krijg je de mensen nog in beweging.  Willem vind dat men ten onrechte soms laatdunkend doet over het niveau van aquariumhouden bij onze zuiderburen. De stijl is anders je ziet er meer hogere aquaria en men is daar minder gecharmeerd van de ‘Hollandse tuintjes’. Dat vindt men onnatuurlijk en daar is best wat voor te zeggen. Ieder z’n voorkeur zullen we maar zeggen. Willem is zeker gecharmeerd van de Belgische hoffelijkheid. Daar kunnen wij Nederlanders nog een voorbeeld aan nemen.

 

Het belang van voldoende CO2 in het water is inmiddels algemeen bekend. De planten laten door hun witte koppen zien dat er tekort is. Daar liet Willem een aantal voorbeelden van zien.

 

Willem heeft in de loop der tijd heel wat mooie aquaria gezien maar de mooiste bak vond hij de bak van Jan Hoogendoorn Met name de manier waarop Hoogendoorn het kienhout vanuit de achtergrond naar voren liet komen sprak hem bijzonder aan. Dat gaf een sterke dieptewerking.  Ook het gebruik van zgn. ‘gaten’  in de beplanting geeft vaak een goede dieptewerking.

 

Appelslakken worden vaak ten onrechte als plantenvernielers neergezet maar het zijn heel nuttige dieren omdat bv. hun uitwerpselen een bron van voedsel vormen voor de o zo, nuttige bacteriën in ons aquarium. Vroeger deden viskwekers vaak van te voren een paar slakken in een kweekbak om daarmee alvast voedsel voor de jonge vis te verkrijgen.

 

De zwemblaas van de vis is een heel belangrijk orgaan van het dier. De vorm ervan bepaalt o.m. de stand van het dier in het water. Denk aan kopstaanders (Chilodus punctatus) of potloodvisjes (Nannostomus eques). De blaas fungeert ook als middel om geluid mee te maken onder water en als een gevoelig orgaan om geluid mee te ontvangen.

 

Zeewateraquaria zijn over het algemeen kwetsbaarder dan zoetwateraquaria. Ze zijn daarom minder geschikt om te gebruiken op een tentoonstelling omdat met name de lagere dieren dan snel dood gaan. En dat is natuurlijk niet de bedoeling. Lager wil niet zeggen minder.

 

Na de pauze vervolgde Willem zijn verhaal met o.m. diverse kikkers, padden, orchideeën, bromelia’s en zijn grote liefde de Cichliden. Met name de vuurkeelcichlide (Thorichthys meeki) was een van zijn favoriete vissen. Het gedrag van deze dieren heeft altijd Willems belangstelling gehad. Slangen, of te wel serpenten, zoals Willem ze noemt, daar heeft hij geen warme gevoelens bij. Waarom je zo nodig een gevaarlijke gifslang in huis zou moeten houden daar ziet Willem de zin niet van in.

 

Op dit moment heeft Willem geen bakken meer. Hij gaat jaarlijks 4 maanden naar Portugal en wil niet een ander met de zorg over zijn dieren opschepen. 

 

Willem verontschuldigde zich voor het feit dat hij wat last had van zijn keel maar daar was tijdens de lezing niets van de merken want het spreektempo van Willem is ongeëvenaard.

 

Aan het eind van zijn lezing werd Willem bedankt met een welverdiend applaus. Wat volgde was de traditionele plantenverloting en daarmee was ook deze avond weer teneinde.

 

Tot de volgende maand.

 

Jan de Reus