Verslag van 16 september 2014

 

Piet Muller opende bij, afwezigheid van onze voorzitter (vakantie) de avond om 20:00 en heette alle aanwezigen van harte welkom. De opkomst was, na een lange vakantieperiode, prima te noemen.

 

Piet had een aantal mededelingen:

         Deelnemers voor de huiskeuring wordt gevraagd zich aan te melden bij het Bestuur

         Nogmaals het verzoek aan de leden om e-mailadressen aan Piet door te geven

         Het aquarium in het verenigingslokaal zal worden opgeruimd; het kost Piet teveel tijd om dit te blijven onderhouden (in tweede instantie wordt dit voornemen op verzoek van Ton Blokland herroepen; Ton zal zorgen voor het onderhoud van het verenigingsaquarium)

         Piet roept de leden met contributie-achterstand (sticker op verenigingsblad) om alsnog de contributie te betalen

         Opening Hornbach: van een lid heeft Piet de melding gekregen dat Hornbach niet op zondag is geopend (dit staat dus verkeerd aangegeven in de advertentie van Hornbach in het verenigingsblad)

 

Na deze mededelingen gaf Piet het woord aan onze spreker van deze avond: de heer Willem Post voor zijn lezing: Een nieuw begin!

 

Willem is in het verleden verschillende keren te gast geweest bij De Rijswijkse en staat bekend om zijn goed verzorgde lezing met fraaie beelden en Ö.muziek! Met name het gebruik van muziek ter ondersteuning van de lezing is bijzonder te noemen. Dat doen er niet veel.

 

Willem begon zijn verhaal bij de Visserskreek in Hoogvliet in de buurt van de Oude Maas. A.d.h.v. fraaie plaatjes werd ingegaan op de levenscyclus van bomen. Zij verliezen hun bladeren in de herfst maar hebben dan al wel het bladgroen er uit gehaald voor het volgend jaar. Daarom krijgen de bladeren een andere kleur. Dat doen ze ook omdat in de winter het vocht in de bladeren zou bevriezen waardoor de boom er niets meer aan heeft. De dode bladeren vallen af in de herfst maar zorgen er tegelijk voor dat de bodem wordt verrijkt met voedingsstoffen waarmee de boom de volgende jaren weer verder kan groeien.

Niet bladverliezende bomen (bv. naaldbomen) hebben een andere vochthuishouding waardoor ze niet kapotvriezen. Bovendien zijn de takken van deze bomen veerkrachtig waardoor ze niet breken als er veel sneeuwval is. Zo zorgt de natuur ervoor dat de soort in stand blijft.

 

In het vroege voorjaar zie je de eerste planten alweer bloeien. Het bloeiend speenkruid is daar een goed voorbeeld van. Het is het eerste bloeiende knolgewas in Nederland. Binnen de WAP is het jarenlang een wedstrijd geweest wie als eerste het bloeiend speenkruid had gevonden. De gele lis is ook een plant die al vroeg bloeit. We zagen mooie beelden van deze prachtige plant bij het Brielse meer.

 

De natuur is spijkerhard. Als omstandigheden zich wijzigen zullen de planten en dieren zich moeten aanpassen omdat anders hun voortbestaan in gevaar komt. Op de Maasvlakte kwamen in de beginperiode prachtige orchideeŽn voor. Deze plant floreert op arme grond. Na verloop van tijd, als de grond steeds rijker wordt, verdwijnen helaas ook de orchideeŽn. Helaas zijn er ook mensen die er genoegen in scheppen om de planten uit te graven en mee naar huis te nemen. Willem noemt het pure roof.

 

Willem heeft tot 1986 een eigen aquarium gehad waaraan hij veel plezier heeft beleefd. Hij is altijd een liefhebber van cichliden geweest en heeft o.m. de imposante Pauwenoog cichliden (Astronautus occellatus) en Heros severus gehouden. In zijn speciaal aquarium had hij regelmatig nakweek en met name de broedzorg van de cichliden is zeer interessant om te bekijken.

 

Prachtige plaatjes waren er ook van het imposante aquarium van wijlen Jan Hoogendoorn. Deze man had het aquarium echt in de vingers en is dan ook kampioen van Nederland geweest. Als je kijkt naar het huidige niveau van de landelijke keuring kun je stellen dat er sindsdien niet veel meer is verbeterd. Jan Hoogendoorn maakte optimaal gebruik van kienhout door het van boven naar beneden te laten lopen (bevestiging boven in de bak). Ook de plantencompositie was zeer verzorgd, zowel in bladvorm als in kleur. Op het gebied van de vissenkeus was Hoogendoorn zeer principieel. Zo waren altijd rode Platys in het aquarium aanwezig omdat daarmee de hobby van Jan was begonnen.

 

Het houden van een zeewateraquarium is een prachtig onderdeel van onze hobby maar stelt weer zware eisen aan het aquarium. Met name de zorg voor voldoende licht is een kostbare zaak. Willem vond het jammer dat de NZWB destijds niet is opgegaan in de NBAT. Een gemiste kans. Nadat in 1986 Toon Aalbers het gebruik van CO2 introduceerde zijn er op gebied van de zoetwater aquaria geen echte nieuwe ontwikkelingen meer geweest. Dat ligt anders bij de zeewateraquaria. Men is nu veel beter in staat om lagere dieren in leven te houden en te laten groeien.

 

Na de pauze ging Willem in op de verschillen bij soorten. A.d.h.v. de bekende pijlgifkikker Dendrobatus auratus (typesoort van het geslacht Dendrobatus) liet Willem zien dat hetzelfde dier heel veel variatie in vorm en kleur kan laten zien. Prachtig was de ontwikkeling van de eieren van dit fraaie kikkertje te zien.

 

Een van de eerste aquariumvissen is de bekende paradijsvis. Deze is zo agressief dat nakweek in een aquarium zeer lastig is omdat het mannetje het vrouwtje zo agressief benadert dat ze voortijdig het leven laat. Nakweek lukt pas als de omstandigheden in het aquarium zodanig zijn dat de dieren eerst de gelegenheid krijgen om aan elkaar te wennen en er zeer veel schuilplaatsen zijn voor het vrouwtje. Als de eieren eenmaal zijn gelegd moet het vrouwtje worden verwijderd en vertoont het mannetje een voorbeeldige broedzorg. De vislarven hebben bolle ogen omdat ze daarmee (lenswerking) het kleine voer beter kunnen zien. De natuur heeft zo zijn oplossingen!

 

Interessant is ook de broedzorg bij de reeds genoemde cichliden. We zagen fraaie plaatjes van o.m. Apistogramma ramerezi, de bekende kersenbuik cichlide (Pelvicachromis), de vuurkeel cichlide (Thorichthys meeki) en Apistogramma cacatuoides.

 

Hiermee was een einde gekomen aan deze interessante lezing van Willem Postma. Hij werd dan ook beloond met een welverdiend applaus. Willem gaf nog aan dat hij na 35 jaar lezing geven het welletjes vond en dat dit daarom waarschijnlijk zijn laatste lezing zou zijn. Dat gaf wel een wat wrang einde aan deze lezing want we hadden Willem graag nog een keer terug willen zien.

 

Tot slot werden de meegebrachte planten verdeeld onder de aanwezigen (deze keer dus geen verloting) waarmee ook deze avond weer tot een eind was gekomen.

 

Jan de Reus