Suriname 2015, een voortreffelijke lezing van Margie en Jan van der Heijden

Margie en Jan van onze zustervereniging ONG (Ons Natuurgenot Gouda) brachten vorig jaar maart 4 weken door in het land waaraan ik fijne herinneringen bewaar. Zeker na hun eveneens geweldig fraaie en origineel opgezette PowerPointpresentatie van vorig jaar over Borneo verwachtte ik veel van deze lezing. Nou, ik werd opnieuw aangenaam verrast! Wat een werk moet dat geweest zijn: van zoveel uitstekend fotomateriaal van Margie met evenzo goed filmwerk van Jan tot een boeiend geheel maken, is geen sinecure, weet ik uit ervaring!

Die macht aan fotowerk (“Er was ook zoveel te zien”!) verwerken zonder dat het een dagvullende presentatie zou worden, hadden Margie en Jan slim opgelost: met een natuurlijke achtergrond verschenen op veel dia’s (ook PowerPoint-plaatjes heten dia!) tot 4 of 5 ingeprojecteerde kleinere foto’s van vogels, vissen vlinders en wat al niet. Soms was zo’n plaatje een kort videofilmpje. Grappig vond ik één dat er uitzag als een foto, maar waarvan na enkele seconden een grote vogel in een boomtop wegvloog. Toch een video dus! Geweldig vond ik de filmpjes die Jan onderwater had opgenomen. Daartoe plaatste hij de camera ‘gewoon’ onder water en deed vervolgens een stapje terug om de vissen niet in hun natuurlijke gedrag te storen. Daarbij bleek ook hoe snel het water in vooral beekjes en ondiepe riviertjes soms stroomt. Ook de ‘visdichtheid’ was opmerkelijk! Leuk om zo eens bekende en onbekende vissen en dan ook nog klein en groot in hun natuurlijke omgeving te zien.

Bezocht werden het District Commewijne (rechtsboven op de kaart) met Fort Amsterdam en omgeving aan de kust en grenzend aan de Marowijne, de grensrivier met Frans Guyana). Hier zagen zij in de monding van de Commewijne een kleine dolfijnensoort. Ook zagen zij daar ’s avonds op het strand zeeschildpadden hun eieren afzetten. Ik zag ze in 2006 vanuit het indianendorp Galibi. Indrukwekkend, kan ik u verzekeren!
Nickerie ook aan de kust, maar dan helemaal aan het andere eind van het land (linksboven op de kaart) aan de Corantijn (grensrivier met het Engels sprekende Guyana) bleek nogal aan verpaupering onderhevig. Hier verbleven zij in Bigi Pan 2 dagen in een lodge middenin een meer. Veel Rode ibissen daar en zelfs een kolonie Flamingo’s die zich daar vanuit de Caraïben gevestigd heeft.
Na de pauze ging het vooral over het District Brokopondo met de Boven-Surinamerivier en Brownsberg. Het bezoek aan District Sipaliwini bleef wat onderbelicht.

Leuk voor mij waren natuurlijk de beelden die ik sinds mijn bezoeken in 1980 en 2006 aan dat prachtige land in mijn geheugen gegrift heb. Zo zag ik het tafeltje voorbijkomen waaraan ik in 2006 met mede-donateurs van de Stichting Trésor, waaronder Lotty Sonnenberg van DRD, in Tamaredjo van de heerlijke en beroemde Javaanse Saotosoep genoot. Javaans, jawel, de Javanen - net als de Hindoestanen - kwamen als vervangende arbeiders voor de plantages toen de slavernij van de Afrikanen was opgeheven. Ook het Chinese deel van de bevolking is van belang. Vandaag de dag telt Suriname ook een flink aantal Brazilianen. In 2006 viel mij al op dat Paramaribo in vergelijking tot 1980 (het jaar dat Bouterse de macht greep; ik maakte de opstand van de onderofficieren mee) zoveel drukker was geworden. Enorm veel mensen op straat en ongelooflijk veel verkeer. Het is er niet rustiger op geworden, beaamde Jan.

In Paramaribo werd de gelijknamige dierentuin bezocht. Daar was ook een aquarium-/reptielenhuis AquaRep. Als liefhebber verwacht je daar een keur aan lokale fauna aan te treffen, maar het geheel viel nogal tegen. De reuze-miereneter zagen zij later in het wild. Grappig vond ik straatnamen op basis van vissoorten. Die namen eindigden alle op visweg. Dat vond ik wel wat komisch klinken: Paradijsvisweg zou logisch zijn, maar Spatzalmvisweg of Bettavisweg? https://media-cdn.tripadvisor.com/media/photo-s/02/69/02/64/filename-dsc-0346-jpg.jpg
Surinamebrug : De Jules Wijdenboschbrug is de brug over de rivier Suriname tussen Paramaribo en de plaats Meerzorg in het district Commewijne. De brug maakt deel uit van de Oost-Westverbinding en is genoemd naar president Jules Wijdenbosch. De brug wordt ook wel Surinamebrug genoemd. Hij werd op 15 april 2000 opgeleverd, maar werd pas op 20 mei geopend; zes dagen voor de parlementsverkiezingen van dat jaar.:

De Jules Wijdenboschbrug over de Surinamerivier was vooral een prestigeobject van de gelijknamige, toenmalige president (kostte destijds een hele jaarbegroting van het land), maar blijkt wel tot ontwikkeling van het deel van Paramaribo ‘aan de overkant’ ten goede te zijn gekomen.
Op de markt bleek men van fotograferen niet gediend. Toch nog wat leuke opnamen gezien! En deel van een Gordeldier ontlokte Wim Tomey de opmerking dat die dieren uitstekend smaken.

Bijna schokkend vond ik de opmerking dat Suralco, de maatschappij die als dochter van het Amerikaanse Alcoa in Suriname al bijna 100 jaar de aluminiumgrondstof bauxiet wint en tot halfproduct verwerkt en het land daarmee voor zo’n 70% van de buitenlandse deviezen voorzag per september 2015 de productiecapaciteit en het beheer van de Brokopondo-waterkrachtcentrale aan de Surinaamse overheid heeft overgedragen. De productie is als gevolg van het inzakken van de vraag en goedkopere productie elders nagenoeg tot stilstand gekomen. Daarmee heeft een 2000 man zijn werk verloren. Een enorme aderlating! Voordeel: Brownsberg, dat eigendom was van Suralco en waarvan werd gevreesd dat die berg ook nog wel eens zou worden afgegraven, kan zo als natuurreservaat worden behouden. Probleem is alleen dat Suralco voor een belangrijk deel in de onderhoudskosten bijdroeg …

Margie en Jan brachten een week door in een voor lokale begrippen chique huis boven het Brokopondomeer dat aan een Nederlander toebehoorde. Daar maakten ze opnieuw mee dat je in Suriname niet op gemaakte afspraken kunt vertrouwen: “Oh, was dat vandaag? Nou, ik moet nog even wat anders doen!” Ook werden dingen wat te mooi voorgesteld. Zo zou er een supermarktje zijn dat in de dagelijkse levensbehoeften zou kunnen voorzien. Daar bleken echter vooral werktuigen voor de goudwinning te koop te zijn! Jan vermaakte er zich kostelijk met hengelen op grotere vis en het maken van onderwateropnamen. Net als op Brownsberg kwam daar de gifkikker Ameerega trivittatta in groten getale voor. Trivittata betekent ‘met 3 strepen’, maar hier ontbreekt de streep midden over de rug. Dat valt onder de term ‘lokale variatie’. Met de geslachtsnaam Ameerega is Jan Meere, een van de oprichters van Studievereniging HET PALUDARIUM geëerd. Getoond werd een mannetje met larven op de rug. Bij deze kikkers verzorgt de man het legsel. Hij brengt de larven naar een poeltje nadat die uit het ei zijn gekomen.
Op de Brownsberg kwamen onze helden ook de even onvermijdelijke als hevig beschermde Atelopus spumarius tegen. Veel vogels en vlinders ook, zoals overal trouwens. Ik ontmoette er een Nederlands gezin dat met hulp van een advocaat uit Paramaribo bezig was de vlinderpopulatie van Brownsberg in kaart te brengen. ‘s Avonds vertelden zij ons van hun werk. Erg leuk!

 

Wat kwam er zoal voorbij? Letterlijk te veel om op te noemen. Ik doe een greep:
Vissen: Cichliden als Mesonauta festiva, Guianacara owroewefi, Geophagus surinamensis, Cichla ocellaris, Nannacara anomala; Zalmen als Hoplias malabaricus, H. macrophthalmus, Chaetobrachus flavescens, Leporinus fasciatus en L. friderici, Chalceus macrolepidotus, Bryconys spec., Bijlzalmen, Spatzalm, Tetragonopterus chalceus, Astyanax bimaculatus, Moenkhausia oligolepus en de mesaal Gymnorhamphichthys rondoni; meervallen als Hoplosternum toricatum en H. littorale (Kwikwi’s), de Vieroogvis Anableps anableps.

Reptielen: slangen als 2 soorten Chironius, een waterslang en een wormslang; hagedissen als een Anolis, de Gebandeerde reuzenteju Tupinambis tequixin, de ‘Wai hanoe’ of Lijn elf Cnemidophorus lemniscatus waarvan de mannen veel groter zijn dan de vrouwen en er ook totaal anders uitzien. Een dier dat eruit zag als een grote worm zou een Wormhagedis kunnen zijn geweest.
Amfibieën als de al genoemde kikkers, maar ook het cirkelronde nest met eieren op de bosbodem van de Smidskikker.

Heel veel vogels als kolibri’s , reigerachtigen, Visarend, de Amerikaanse schaarbek, de Bonte watertiran, het Amerikaans waterhoen, Tangara’s en de Zwarte Hokko. Zelf zag ik op Brownsberg onder meer de Trompetvogel.
Veel vlinders waaronder de Uilvlinder en de groene Uranius leilus.
Diversen: De bosschildpad Geochelone denticulatus, de Opossum Graciliaris agilis, een landkrab, apen.
Alles van wetenschappelijke namen voorzien. Hele klus geweest!

Kortom: wie er niet was heeft heel veel gemist. Veel dank aan Margie en Jan.

De eerste 3 afbeeldingen van internet, de andere foto’s van mij.

Loek van der Klugt